Advertenties Forte Piano’s Lage Landen
I - Hendrik Blatz /Bletz/ Blotz / Boets (ca. 1733–1777)
Van Amsterdams hamerwerk tot een orgel voor Curaçao: Hendrik Blotz (ca. 1733–1777)
Wie in achttiende-eeuwse archieven naar instrumentenmakers zoekt, komt soms één naam onder vele spellingen tegen. Zo ook bij een meester-orgelbouwer aan de Amsterdamse Baangracht, die voorkomt als Blatz, Blotz, Blots, Bletz en Boets. Door krantenadvertenties, ondertrouwregisters en notariële akten te koppelen, blijkt het om één man te gaan: Hendrik Blotz.
Herkomst en huwelijk
Blotz werd omstreeks 1733 geboren in Wrisbergholzen. Op 5 april 1759 trouwde hij in Amsterdam met de 22-jarige Elisabeth Kammeyer. Hij woonde toen aan de Nieuwmarkt. [Zijn werkplaats lag volgens de advertentie van 1758 al aan de Baangracht, tussen Spiegel- en Reguliersgracht.]
Fortepiano’s (1758)
Op 15 juli 1758 verscheen in de Amsterdamsche Courant:
“HENDRIK BLATZ, Orgelmaker in de Baangragt, tusschen de Spiegel- en Reguliersgragt tot Amsterdam, presenteert uyt de hand te verkopen twee superbe Forte Piano, zynde Hamerwerk, met een extra-fraaye Toon en raare Uitvindingen.”
Dit is de vroegst bekende vermelding van fortepiano’s in de Lage Landen.
Een orgel voor Curaçao (1764)
In oktober 1764 liet Blotz, hier Hendrik Blots genoemd, een groot pijporgel maken voor de Gereformeerde Kerk op Curaçao. Volgens een akte van notaris Salomon Dorper huurde hij de meester-knechts Fredrik Staat en Dirk Hibbeler in om het orgel per zeilschip, d’Vriendschap onder kapitein Roeloff Malmstroem, te vergezellen en ter plaatse op te bouwen. Zij kregen f 50 per maand, kost, drank en inwoning.
De laatste jaren
Op 18 maart 1776 liet Blotz bij notaris Nathanaël Wilthuysen onder ede getuigen vastleggen, onder wie zijn zwager Harmanus Kammeyer en een knecht, dat zijn vrouw Elisabeth al jaren veel dronk. Volgens deze verklaringen verkocht en verpandde zij heimelijk huisraad, kleding en materialen uit de werkplaats, en werd zij in dronken toestand op straat luidruchtig en agressief. De getuigen vonden dat zij ergens veilig moest worden ondergebracht. Het is een verklaring op verzoek van haar man; haar kant is niet overgeleverd.
Op 3 januari 1777 werd Hendrik Blotz, orgelmaker in de derde Weteringdwarsstraat, begraven, ongeveer 43 jaar oud. De bronnen zeggen niets over zijn doodsoorzaak.
De keerzijde: Drankmisbruik en verval in de Weteringdwarsstraat (1776)
Naast de triomfen in de werkplaats kende het leven van Hendrik Blotz ook een donkere, tragische kant. Hoe de dagelijkse realiteit er in zijn laatste jaren uitzag, blijkt op aangrijpende wijze uit een notariële getuigenverklaring van 18 maart 1776 (opgesteld door notaris Nathanaël Wilthuysen in de derde Weteringdwarsstraat).
Blotz zag zich genoodzaakt om onder ede getuigen – onder wie zijn zwager Harmanus Kammeyer en zijn knecht – te laten vastleggen dat zijn vrouw, Elisabet Kammeyer, al jarenlang kampte met een zwaar alcoholprobleem. De verklaringen schetsen een ontluisterend beeld:
Elisabet zou zich herhaaldelijk stomdronken op straat hebben begeven, luidruchtig en agressief.
Zij maakte ruzie met de buren, schold erop los en terroriseerde de omgeving.
Erger nog: om haar drankzucht te bekostigen, verkocht en verpande zij stiekem huishoudelijke spullen, kleren en zelfs gemaakte materialen van de orgelmakerij ver onder de waarde.
De getuigen waarschuwden dat als zij niet snel ergens op een veilige plek kon worden opgesloten, het voor haar man en kinderen volledig mis zou gaan.
Het vroege einde (1777)
Het huishoudelijke drama en de zorg over de zaak zullen zwaar hebben gedrukt op de gezondheid van de meester-orgelbouwer. Lang heeft Hendrik Blotz de vruchten van zijn pionierswerk niet kunnen plukken. Nog geen jaar na het pijnlijke getuigenis over zijn vrouw, op 3 januari 1777, wordt Hendrik Blotz, mr. orgelmaker in de derde Weteringdwarsstraat, begraven. Hij werd slechts 43 jaar oud.
Contract
Op heeden den Eersten October Des Jaers Sevenhonderd Vieren Zestig, Compareerden Voor my Salomon Dorper, openbaer Notaris tot Amsterdam, by den edele Hove van Holland geadmitteerd, ende voor de getuygen nagenoemd:
De Heer Hendrik Cannegieter, Sanst ter Eene [Sanst ter Eem], ter eenre,
ende Meester Fredrik Staat en Dirk Hibbeler, ter andere zyde.
Dewelke verklaarden met elkanderen te zyn overeengekomen en gecontracteerd te syn, als volgt:
Namentlyk Dat zy, Fredrik Staat en Dirk Hibbeler, te samen en ieder in 't biezonder aannemen en zich verpligten, om het Orgel dat Hendrik Blots voor de Gereformeerde Kerk tot Curaçao gemaakt heeft, en hetgeene nu staat gemonteerd/getransporteerd te worden met het schip 'd'Vriendschap' [of L'Amitie], Kapiteyn Roeloff Malmstroem, uyt te schepen [aldaer] in order te brengen en op te stellen, onder de navolgende condition:
Dat den voorn. Heer Cannegieter aanneemt, aan ieder van de Comparanten ter andere zyde te zullen doen genieten de sommen van Vyftig guldens Hollands Courant geld per maand van Dertig dagen, ieder maand te rekenen, te beginnen met den dag dat de comparanten ter andere zyde zich met de Lighter [lichter] aan boord van 't gedagte Schip zullen begeeven.
[Pagina 2 – Bepalingen over reis, verblijf en werk op Curaçao]
Sullend door den voorn. Heer Cannegieter aan de beyde comparanten ter laetster zyde bezorgt worden vry transport en passage heen en wederom, aen wien de Capiteyn goede Logement, Spys & Drank aen boord sal doen genieten, so goed als al het Scheepsvolk sal genieten.
Bekennende eender van de Comparanten ter andere zyde van den Heer Eerste comparant op hand ontvangen te hebben Drie en een halve Maand gagie, synde dus voor ieder Eenhonderd Vyffenseventig guldens, het geene op hunne te verdienen gagie sal valideeren.
Sodra de beyde Comparanten ter andere zyde op Curaçao zullen syn gearriveerd, en sodra het Orgel sal syn gelost, neemen sy aan aenstonds om het selve in de gereformeerde Kerk aldaar te plaetsen en voorts te werken met alle vlyt en zonder tyd verzuym.
Sullende de beyde Comparanten ter andere zyde, sodra het Orgel door hen in order en bruykbaer sal syn gesteld, soo legger sy met het Schip 'tycene de Heeren Philip Schooneboom & S. Scholten haar zullen aanwyzen, kunnen retourneeren, des begeerende vry van transport & passage, in welk geval haare Gagie sal dunnen tot de tyd dat sy lieden in een van dese Havens arriveeren, en langer niet.
En zullen opgemelde Heeren Schooneboom & Scholten aan de beyde comparanten ter laetster zyde, so lange sy tot Curaçao aen 't werk van de Orgel zullen syn, moeten bezorgen vrije Kost, Drank en Slaepplaets.
[Pagina 3 – Slotbepalingen & Ondertekening]
Sodra het Orgel in vereyschte ordre is gesteld, en de beyde Comparanten ter andere zyde rig in alles hebben gedraegen als brave Lieden betaemt, so zullen gemelde Heeren Schooneboom & Scholten aen hun mede geeven een attestatie van hun gedrag.
Indien de Comparanten ter andere zyde na die tyd in deereen mogten om te Curaçao te willen blyven, so zullen sy met goedvinden en overleg van meergemelde Heeren Schooneboom en Scholten dit Contract vermogen te annulleeren, en andere Condition maken, ofte afstant doen, dog niet eerder dan na dat het Orgel na genoegen in complete ordre is gebragt.
De Heeren Schooneboom en Scholten zullen verpligt syn aen de beyde Comparanten ter andere zyde alle maenden te betalen haere verdiende hiervoven bedongene Gagie, tot dat deselve weder aen boord gaan om naer Holland te retourneeren.
Laetslyk zullen de comparanten ter andere zyde, sodra sy tot Curaçao zullen syn gearriveert, gehouden syn hier aenstonds te addresseeren aen de by deese gemelde Heeren Schooneboom en Scholten aldaer, na weens ordres sy hun in alles zullen moeten gedraegen en opvolgen.
Tot nakominge van alle hetgeene hiervoren gecontracteerd, verbinden de wederzyde Comparanten hunne Personen ende Goederen als naer Regten.
Aldus gepasseert binnen Amsterdam in presentie van Jacobus Jacobs en Jan de Vries, als getuygen.
(Handtekeningen:)
Hend. Cannegieter
Fredrik Staat
Jan Dirk Hibbeler
Jacobus Jacobs (getuige)
Jan de Vries (getuige)
S. Dorper, Notaris
2. Modern Nederlands
Contract
Heden, de 1e oktober van het jaar 1764, verschenen voor mij, Salomon Dorper, openbaar notaris te Amsterdam (toegelaten door het Hof van Holland), en voor de hierna genoemde getuigen:
De heer Hendrik Cannegieter (wonende te Sanst ter Eem), aan de ene zijde,
en meester Fredrik Staat en Dirk Hibbeler, aan de andere zijde.
Zij verklaarden met elkaar het volgende te zijn overeengekomen:
Namelijk dat zij, Fredrik Staat en Dirk Hibbeler, samen en ieder afzonderlijk de verplichting op zich nemen om het orgel dat Hendrik Blots heeft gemaakt voor de Gereformeerde Kerk op Curaçao – en dat nu klaarstaat om vervoerd te worden met het schip 'd'Vriendschap' onder kapitein Roeloff Malmstroem – daar ter plaatse uit te schepen, in orde te brengen en op te stellen, onder de volgende voorwaarden:
Salaris: De heer Cannegieter verbindt zich om aan elk van hen een salaris te betalen van 50 Hollandse gulden per maand (gerekend per maand van 30 dagen). Dit salaris gaat in vanaf de dag dat zij met de lichter aan boord gaan van het genoemde schip.
Reis & Verblijf: De heer Cannegieter zorgt voor de vrije overtocht en passage (heen en terug). De kapitein zal hun aan boord goed onderdak, eten en drinken verschaffen, van dezelfde kwaliteit als voor de rest van de scheepsbemanning.
Voorschot: Beiden bekennen alvast een voorschot van drieënhalve maand wedde (175 gulden per persoon) van de heer Cannegieter te hebben ontvangen, wat verrekenbaar zal zijn met het nog te verdienen salaris.
Werk op Curaçao: Zodra zij op Curaçao aankomen en het orgel is uitgeladen, zullen zij onmiddellijk beginnen met de opbouw en plaatsing in de Gereformeerde Kerk aldaar, en met alle vlijt en zonder tijdverlies doorwerken.
Terugreis: Zodra het orgel door hen in goede en bruikbare staat is opgeleverd, kunnen zij op de door de heren Philip Schooneboom & S. Scholten aangewezen boot naar Holland terugkeren (vrij van passagekosten). Hun maandloon loopt door tot de dag dat zij in een Nederlandse haven arriveren.
Onderhoud op het eiland: Zolang zij op Curaçao aan het orgel werken, zullen de heren Schooneboom & Scholten zorgen voor hun vrije kost, drank en slaapplek.
Getuigschrift: Bij een goede oplevering van het orgel en correct gedrag zullen de heren Schooneboom & Scholten hun een schriftelijke getuigschrift (attestatie) van goed gedrag meegeven.
Eventueel langer verblijf: Mocht een van hen na afloop op Curaçao willen blijven, dan kan dit contract in overleg met Schooneboom & Scholten worden ontbonden, maar pas nadat het orgel naar tevredenheid en volledig in orde is gebracht.